Celeste Lupus

Celeste Lupus

Over dit weblog

Celeste Lupus schrijft over: literatuur, politiek, filosofie, recht, economie en wetenschap.

Democratie

PolitiekPosted by Roelof Bos Wed, March 08, 2017 16:29:45

POLITIEK EN GELOOF

In de aanloop naar de verkiezingen valt op de teevee veel te beleven. In Pauw en Jinek wist Jeroen Pauw te melden dat de PvdA vroeger de Partij voor de Arabieren of de Partij voor de Allochtonen was, maar dat die aanhang zich nu afwendt omdat de partij niet voor hun cultuur en religie zou opkomen. Het legt iets bloot van de beginselen van een partij die ooit is ontstaan uit een beweging die weinig ophad met religie, omdat het opium voor het volk was. Die beginselen hadden dus plaats gemaakt voor een ander beginsel ‘het doel heiligt de middelen’ en dat was de greep naar de macht. Dat zoiets verkeerd uitpakt is natuurlijk sneu. Maar heeft Nederland iets op met een partij die naar believen z’n jasje omdraait?

Ik zag ook Nieuwsuur waar de voorman Gert-Jan Segers van de Christen Unie te zien was. Hij was eerder zendeling in Egypte en erkende dat de islam de menselijke vrijheid geweld aandoet. In islamitische landen is het niet toegestaan te kiezen voor een ander geloof. Als christen keurde hij om die reden de islam af, maar vond als politicus dat de islam een godsdienst was die in Nederland viel onder het grondwettelijk recht op godsdienstvrijheid.

In de koude oorlog bestond ook een dergelijk dilemma. Moest het communisme dat strijdig was met de democratie verboden worden of mocht het delen in de vrijheden van die democratie? Voor de islam geldt hetzelfde. De islam erkent geen democratie en is waar het kan een politieke beweging die diep ingrijpt in het privéleven van de burger op het gebied van familierecht, seksualiteit en voortplanting, maar schuwt ook andere vrijheidsberovende maatregelen niet al naar gelang het de machthebber uitkomt, die zich voor de rechtvaardiging daarvan beroept op de onzichtbare die hij zegt te vertegenwoordigen.

Het communisme werd gedoogd in Nederland. Daar zijn verschillende verklaringen voor. Van belang daarbij is dat de oorspronkelijk communistische leer van Karl Marx niet in beginsel antidemocratisch was. Het ging ervan uit dat de bovenlaag zou instorten door de werking van de economie en niet door druk van boven- of onderaf. Ook in Rusland, waar na de in 1905 verloren oorlog tegen Japan het fiasco van het tsaristische bewind zich aftekende en de sovjets, raden van allerlei belangengroeperingen, ontstonden, in 1914 de Tsaar aftrad en Kerensky minister president van de antitsaristische regering werd, was het communisme niet antidemocratisch. Het wilde uit pragmatische overwegingen samenwerken met andere burgerlijke bourgeois partijen. Alleen de bolsjewistische splinterpartij was het daar niet mee eens en kon de macht grijpen omdat het als enige partij zich al vanaf 1905 minutieus onder leiding van Lenin en in mindere mate Trotsky had voorbereid op een staatsgreep en de burgeroorlog die zou volgen.

Het dilemma met het communisme en dat met de islam lijken op elkaar. Toch zijn er verschillen. Het communisme moest in Nederland zijn weg vinden onder geboren en getogen Nederlanders, opgegroeid in een Nederlandse traditie met herinnering aan aloude Nederlandse gebruiken. Dat is met de islam volstrekt anders. Dat is geen geloofsrichting die de harten van Nederlanders heeft kunnen beroeren omdat het een alternatief zou bieden voor een ander bestel. Integendeel, de islam bestaat in Nederland uitsluitend en alleen door de import van allochtone analfabeten. Het verschil in risico lijkt mij hiermee verklaard.



Immigratie

PolitiekPosted by Roelof Bos Sun, November 20, 2016 15:00:16

Boekbespreking ‘De piramide van Pinto’, 2016 Uitgeverij Aspekt Soesterberg

Prof. dr. David Pinto, geboren in Marokko, directeur van het Intercultureel Instituut (ICI) heeft over het immigratievraagstuk een belangwekkend boek geschreven, ‘De piramide van Pinto’ (2016 uitgeverij Aspekt Soesterberg). Hij behandelt hierin een veelheid van problemen voortkomende uit de cultuurverschillen. Soms zijn die te overbruggen soms niet. Daarvoor ontwikkelt hij de drie stappen methode. Eerst dient men de verborgen leidraad in de eigen cultuur te voorschijn te halen, te onderkennen, vervolgens kennis te nemen van de andere cultuur en als stap drie de immigrant voor te houden waar hij aan toe is en waarvoor hij kan kiezen, zich onderwerpen aan de westerse moraal, of vertrekken. Pinto geeft met een veelheid van voorbeelden aan dat de islamitische cultuur onverenigbaar is met die van de liberale westerse samenleving. Integratie zoals dat door politici wordt beoogd berust op een misvatting, het verhindert een vreedzame samenleving en leidt slechts tot geweld. De moslim kent geen vrije wil, als hij op zijn verantwoordelijkheid wordt aangesproken verschuilt hij zich in de groep en laat het groepsbelang prevaleren. Pinto ontrafelt genadeloos de verkeerde invalshoek waarmee de overheid de integratie hoopt te bewerkstelligen. Deze berust op een verkeerde beoordeling van de andere cultuur en benadert die vanuit verworven inzichten zoals die in het westen na een eeuwenlange ontwikkeling gemeengoed zijn geworden, maar die voor een moslim onbegrijpelijk zullen blijven. Zijn conclusie is dat integratie onmogelijk is, in die zin dat de allochtone moslim nimmer uit vrije wil het westerse gedachtengoed zal aanvaarden. Nederlandse normen en waarden worden geweld aangedaan zonder dat de immigrant inziet wat hij zijn gastheer aandoet. Op deze wijze vormen immigranten een levensgroot gevaar, omdat de tolerantie dan wel van de politici komt, maar niet van de allochtoon en uiteindelijk ook niet van de autochtone locale Nederlandse bevolking die met de ellende geconfronteerd wordt. De politici onderkennen dit gevaar niet, aldus Pinto. Pinto ziet maar één oplossing. Immigranten zullen op een radicaal andere wijze benaderd moeten worden. En wel volgens de driestappen methode. De immigratieambtenaar zal voldoende kennis moeten bezitten van de moslimcultuur, met name zal hij zich bewust moeten zijn dat een moslim ja en amen zal zeggen op wat hij hem voorhoudt, maar dat zoiets alleen bedoeld is om hem niet voor het hoofd te stoten en zeker niet dat de moslim aanvaardt wat hij zegt. De immigratieambtenaar zal de moslim duidelijk moeten maken dat hij weet dat hij op die manier wordt voorgelogen, om de tuin geleid wordt. De moslim moet duidelijk gemaakt worden dat zoiets hier anders opgevat wordt, zoiets hier niet is toegestaan, hij hier niet toegelaten wordt. Omdat van een moslim niet verwacht kan worden dat hij zal integreren, zijn ogenschijnlijke bereidheid daartoe heeft geen waarde omdat zijn eigen cultuur hem dat verbiedt en toestaat op dit punt te liegen, zal hem duidelijk gemaakt moeten worden dat hij zich zal moeten onderwerpen. De westerse verdraagzaamheid geldt niet tegenover onverdraagzame culturen als de zijne. Wil hij wel toegelaten worden zal hij duidelijke antwoorden moeten geven. De vragen die hij krijgt zullen rechtstreeks betrekking moeten hebben op zijn persoonlijke situatie. De vragen zullen erop gericht moeten zijn te achterhalen of de immigrant voor– of tegenstander is van bijvoorbeeld eerwraak en dergelijke met de westerse waarden botsende zeden en gewoonten. Als daar geen betrouwbaar antwoord op wordt gekregen zal dat moeten leiden tot afwijzing. Volgens de driestappen methode van Pinto wordt zodoende de vreemde immigrant tot het inzicht gebracht dat hij een keuze moet maken, vóór Nederland of tegen Nederland. De islam is niet vredelievend, kent geen mededogen met ongelovigen. Een ogenschijnlijk vredelievend optreden tegenover rabbijnen, priesters of dominees, zoals dat in grote westerse steden voorkomt, is bedrieglijk. Het is het verbloemen van het werkelijke doel, een wereldse islamitische overheersing. Tot behoud van het Nederlandse cultuurgoed, het voorkomen van aanslagen en ook het recht in eigen hand nemen dient de immigratie te worden beperkt, salafistische moskeeën te worden gesloten en haatimans geweerd.

Ik parafraseer hiermee het boek en de methode Pinto, maar als ik het goed heb begrepen komt het daar op neer. Mijn eigen commentaar op het boek is het volgende.

Op bladzij 45 schrijft Pinto: “Verklaar desnoods iedere discussie over religie in dit verband taboe, behoudens in het kader van wetenschap (theologie, filosofie, godsdienststudies)”. Persoonlijk ben ik pessimistischer over de religie als zodanig. Westerse religies mogen tegenwoordig verdraagzaam lijken, vroeger waren zij dat zeker niet. Zie wat dit betreft mijn opstel ‘Godsdienst als grondrecht’ geplaatst op deze weblog op 23 november 2014. Op de bladzijden 66 en 67 heeft Pinto het over een rangorde van normen en waarden en stelt vast dat rechtvaardigheid vast en zeker belangrijker is dan discretie en betrouwbaarheid waarschijnlijk van meer belang dan openheid. Als we het hebben over westerse waarden mis ik hierin de elementen beheersing en de plicht het beste uit jezelf te halen als onderdelen van beschaving. Beheersing in machtsvertoon, maar ook kleinschaliger in de zin van een gezond leven leiden, de plicht het beste uit jezelf te halen.

En hier stuit ik op de zwakte in de westerse samenleving. Want niet alleen is de sociale welvaartsstaat, hoe aantrekkelijk die ook moge lijken, in wezen de oorzaak van het immigrantenprobleem, deze door mij aangehaalde westerse waarden zijn in de sociale welvaartsstaat haast loze woorden geworden. Als advocaat behandelde ik ooit een zaak van een scheepstimmerman op wiens gereedschap door de sociale dienst beslag was gelegd, in strijd met het wetboek van burgerlijke rechtsvordering, dat voorzag in een beslagverbod op werktuigen van de ambachtsman. Dat wetsartikel uit de eerste helft van de negentiende eeuw had als ratio dat de ambachtsman door het beslag niet van zijn broodwinning beroofd mocht worden. De sociale dienst betoogde dat het wetsartikel achterhaald, uit de tijd was omdat er nu sociale voorzieningen waren. Als advocaat betoogde ik dat het wetsartikel wel degelijk ook voor de huidige tijd voorzag in de bescherming van de ambachtsman, die niet beroofd mocht worden van de middelen om zijn vaardigheden op peil te houden. In hoger beroep kon ik het gerechtshof voor deze gedachte winnen en won de zaak. Ik kom op deze kwestie omdat hiermee ook de zwakte van de sociale welvaartsstaat wordt bloot gelegd. De mensen worden als kasplanten die zodra de ruiten breken niet overleven.
Om terug te komen op beide vermelde beschavingselementen zoals ik die zie, beheersing en de plicht het beste uit jezelf te halen, in de sociale welvaartsstaat zijn dat haast loze woorden geworden. De leus ‘ieder mens is uniek’ leidde tot een vrijbrief er maar op los te leven. Alle nadruk werd gelegd op het (stem) recht, niet op de verantwoordelijkheid die dat met zich meebrengt, niet op het feit dat het toekennen van een recht uiteindelijk altijd ten koste van iemand anders gaat, al blijft die voorlopig onzichtbaar. Zoals gezegd, in wezen is het immigrantenvraagstuk terug te voeren op de sociale welvaartsstaat. In de jaren 1950 niet lang na de oorlog ontstond er officieel werkloosheid. Maar de fabrieken konden geen arbeiders krijgen. Van de ziektewet en de arbeidsongeschiktheidswet werd massaal misbruik gemaakt. De westerse waarden die nu beschermd moeten worden tegenover de binnendringende immigranten hebben nimmer geleefd bij de gewone Nederlander. Techniek en discipline die de welvaartsstaat mogelijk hebben gemaakt zijn het resultaat geweest van de inspanningen van een kleine elite die het beste voor had met de eenvoudige man. De leerplicht is ingevoerd omstreeks 1900 en heeft heel lang gegolden tot de leeftijd van 14 jaar. Van de omslag van het middeleeuwse feodale denken naar de grondslagen van Montesquieu heeft de eenvoudige Nederlander geen weet. Deze leeft in de sfeer van televisieprogramma’s als Big Brother en dergelijke. Rijkdom wordt in Nederlandse ogen gezien als bedrog (wat het helaas in sommige gevallen ook is, misstanden zullen er altijd blijven), als uitbuiting en het wordt tegelijkertijd begeerd als het middel een zorgeloos bestaan te leiden. De huurdersverplichting uit het burgerlijk wetboek om als een goed huisvader voor het gehuurde te zorgen is een lachertje geworden en er is zelfs iemand gepromoveerd op de stelling dat kraken wettelijk moet worden toegestaan.

Het probleem was er dus al. Door de immigranten met een middeleeuwse achtergrond is het alleen maar erger geworden. Hoe is daar tegenop te komen? Ik zou zeggen door alleen maar rechten te geven als daar een tegenprestatie tegenover staat. Zij die geen tegenprestatie kunnen leveren hebben geen rechten maar aanspraken op zorg, ofwel in leeronderricht, ofwel in levensonderhoud. De leus ‘daar heeft u recht op ‘, bedacht door politieke stemmentrekkers die langs de deuren gingen, is te vergelijken met de boodschap van kwakzalvers die doodzieke mensen beloven hen beter te kunnen maken. Positieve grondrechten zijn uit den boze. Het doet de inspanningsverplichting verdampen. Stemrecht komt niet toe aan hen die zich niet willen voegen naar de samenleving die ze te eten geeft. Meer in het bijzonder zou ik willen zeggen, geef alleen stemrecht aan hen die de leeftijd van dertig jaar hebben bereikt en die een examen hebben afgelegd te vergelijken met het vroegere middenstandsexamen. Het zal analfabeten stimuleren hun achterstand in te halen. Zij die (nog) geen prestatie kunnen leveren hebben aanspraak op zorg in natura, niet in geld. Geld schept geen gezelligheid, die schep jezelf, ook zij die geen prestatie meer kunnen leveren. Geld is bedoeld voor hen die ermee kunnen omgaan.

Veel thema’s van Pinto komen ook in mijn romans voor, zoals de politieke correctheid vanuit het salonsocialisme en de ellende die zij daarmee veroorzaken. Aan de oplossing die Pinto biedt ter voorkoming van meerdere gruweldaden door moslims zou toegevoegd kunnen worden hier veel minder media aandacht aan te geven. Immers de terreurgroepen menen hun doel te kunnen bereiken juist door die media aandacht.

Op bladzijde 98 van zijn boek schrijft Pinto dat binnen enkele uren na de moordaanslagen door Mohammed Merah in Toulouse zo’n tweeduizend Franse moslims hun steun aan Merah betuigden. Buurtgenoten feliciteerden de moeder van Merah met de heldendaad van haar zoon en als steunbetuiging aan Merah schoot in de eerste tien dagen na de aanslag in Frankrijk het aantal antisemitische incidenten met veertig procent omhoog. Wat Pinto niet vermeldt is dat na de aanslagen door Merah, niet alleen in Toulouse maar ook in Montauban, de Franse president François Hollande op de televisie wist te melden dat de Franse moslims het eerste slachtoffer waren.

Geert Wilders wil de islam verbieden omdat het een terroristische organisatie zou zijn. Het is waar, na het lezen van het boek van Pinto, waarin de werkelijke ideologie van de islam uit de doeken wordt gedaan, kan je inderdaad moeilijk geloven aan een vredelievende organisatie. De islam heerst in 25 procent van de wereld en daar is geen enkele plek waar het rustig is. Er heerst oorlog of er vinden aanslagen plaats, alles uit naam van de islam. Ook onderling, soennieten en sjiieten bestrijden elkaar op leven en dood. Volgens het voorwoord op het boek door Floris van den Berg biedt niettemin het manifest van Pinto een alternatief voor de strategie van Wilders in de PVV, die de problemen met multiculturalisme wel aankaart, maar die niet met goede en structurele oplossingen komt. De oplossing van Pinto zou daarin liggen dat de islam immigrant gedwongen moet worden te kiezen, iets wat hij met de huidige politiek correcte opstelling, ten onrechte gebaseerd op de veronderstelling dat een islamiet westerse waarden kan aanvaarden, niet hoeft. Het is waar, Wilders heeft geen oplossing voor het probleem. Integendeel, hij gaat het probleem uit de weg. De islamafobie weggedacht is zijn politieke programma te vergelijken met die van de SP. Een programma dat de individuele mens niet aanspreekt op zijn verantwoordelijkheden.

Het boek van Pinto verklaart de cultuurbotsing met de door hem beschreven premoderne fijnmazige F structuur, en de moderne grofmazige G structuur. Volgens inleider Paul Cliteur zou men de F structuur totalitair kunnen noemen, waarin alles geregeld is, alles vastligt. De moderne G structuur is individualistisch. De mens is vrij en wordt geacht zijn eigen keuzes te kunnen maken.

En dan bespeur ik een zekere leemte in het betoog van Pinto. Want het valt op dat het socialisme veel overeenstemming heeft met de beschrijving van Pinto van de premoderne mens. Vooral de afhankelijkheid van elkaar, de onvrijheid ofwel het onvermogen zelf initiatieven te nemen, de loketcultuur waar een ander het wel voor je zal regelen, zoals dat vooral in de lagere milieus voorkomt, heeft veel overeenkomst met de omstandigheden in een oosterse cultuur. Het is in dit opzicht niet verwonderlijk dat van socialistische zijde zoveel begrip bestaat voor de moslim en ook dat zwakkelingen zo vatbaar zijn voor de islam, voor de jihad. Het is aantrekkelijk omdat het leven een doel krijgt en jezelf geen verantwoordelijkheid hoeft te nemen.

Opmerkelijk is voorts dat de verschillende situaties die Pinto beschrijft ook opgaan, zij het in sterk afgezwakte vorm, voor de verschillen tussen noordelijke en zuidelijke Europese landen, zelfs tussen Nederland en Belgie. Het lijkt erop dat de G structuur vooral heerst in landen die vroeger voor het protestantisme kozen en de F structuur in landen die katholiek bleven. Zonder een kenner van deze historie te zijn zou aldus de verlichting protestantse wortels hebben, die uiteindelijk ook de katholieke landen heeft bereikt.

Samenvattend komt het boek van Pinto op het volgende neer:

1. De islam heeft als hoofddoel het bestrijden van de ongelovige, dat wil zeggen zij die niet in de islam geloven, zich er niet aan onderwerpen. Het is niet vredelievend maar oorlogszuchtig.
2. Het is niettemin verkeerd de aanbevelingen van Wilders te volgen omdat het niet bijdraagt aan een vreedzame oplossing van het probleem.
3. Wèl moet de immigratie beperkt worden, salafistische moskeeën gesloten worden en haatimans geweerd.
4. De door overheid en bedrijfsleven te volgen driestappen methode (DSM) zal de immigrant doen inzien waarvoor hij moet kiezen, zich blijven onderwerpen aan de islam en dan terug naar huis of zich onderwerpen aan het Nederlandse bestel. In aansluiting op het betoog van Pinto meen ik ook dat de immigrant zich vooral bewust moet zijn zich te moeten onderwerpen aan het Nederlandse bestel, want aanvaarden komt in zijn cultuur niet voor.
5. Het huidige beleid van de overheid, dat begrip heeft voor het wangedrag van de immigrant vanwege zijn achtergrond, is een absolute misvatting van het probleem. Het is de oorzaak van de ellende die we over onszelf hebben afgeroepen. Het leidt niet tot integratie. Allochtonen met een moslim achtergrond kunnen niet integreren in de Nederlandse samenleving. Zij kunnen zich daar alleen aan onderwerpen en bij de juiste aanpak zullen zij dat ook doen. Ook al omdat zij gewend zijn zich te onderwerpen aan een hogere macht. Die hogere macht ontbreekt bij het huidige beleid van de zogenaamde politieke correctheid en leidt tot een vrijbrief voor misdadig gedrag.


Berichten uit Frankrijk

PolitiekPosted by Roelof Bos Sat, August 27, 2016 13:09:17

MONTEMBOURG

Sommige lieden kunnen met wonderlijke verrassingen komen. In Frankrijk was er een minister voor werkgelegenheid (emploi) die in bevlogen bewoordingen zijn verhalen afstak, daarbij een gezicht trok of hij het zelf ook moest geloven. Zijn ideeën kwamen erop neer dat er veel meer gedaan moest worden voor de kleine werkloze man en dat de rijken het gelag moesten betalen. Hij heette Arnaud Montembourg. De Franse president François Hollande, die hem geïnstalleerd had vanwege zijn bevlogen uitstraling en zo uitdrukking wilde geven aan de worst die hij de kiezers voor had gehouden, was dan wel in naam socialist maar ook een technocraat die weet waarom een schip vastloopt. De bevlogenheid van Montembourg ging dan ook botsen met de harde cijfers want de werkloosheid liep steeds maar verder op. Dat lag niet alleen aan Montembourg maar vooral aan de geest die in de Fransen was gevaren, die al jaren lang boven hun stand leefden zonder dat te willen weten. Loisir en retraite waren de lokwoorden om het volk in slaap te houden en zo de macht naar zich toe te trekken. Zij die wezen op de risico’s van het bestaan waren in de verzorgingsstaat afzichtelijke voorbeelden geworden van hen die het volk wilde uitbuiten.

De terreuraanslagen moeten voor een zekere ommekeer gezorgd hebben. Niet bij de vakbonden, maar wel bij François Hollande. Eerder had hij Montembourg al de laan uitgestuurd omdat die buiten de paden van de werkelijkheid was getreden en hem vervangen had door de zich met Kennedy vergelijkende Macron.

Maar nu heeft Montembourg zich kandidaat gesteld voor het Franse presidentschap met de verkiezing in 2017. Zijn programma wekt verbazing, maar hier en daar ook instemming. Zoals ‘annuler les hausses des impôts’ en ‘service militaire et civile pour hommes et femmes’. Dit getuigt van werkelijkheidszin. Niet alleen dat. Ook neemt hij het op voor de pme (petites et moyennes entreprises), het midden- en kleinbedrijf. Het kan niet anders dan dat hij deze nu als de meest bedreigde schakel in de Franse samenleving ziet. Deze ommekeer van Montembourg is opmerkelijk die vroeger als minister alleen maar oog leek te hebben voor het afdwingen van een vast arbeidscontract, een cdi (contrat de durée indéterminée) voor iedereen. De schellen moeten hem van de ogen zijn gevallen. De grote bedrijven kunnen uitwijken naar het goedkope buitenland maar de pme kan geen kant op en draait op voor het tekort. Een socialistische burgemeester verhoogt simpelweg de belasting als de Salle des Fètes aan onderhoud toe is. De jeugd groeit op zonder vooruitzicht op een baan en zonder zinvolle bezigheden, met de vlucht in comafeesten en verdovende middelen. Montembourg wil Frankrijk terugtrekken uit de Europese Unie en de bespaarde contributie aan die club wil hij besteden voor de pme. De EU heeft dat aan zichzelf te wijten. Het mag dan op papier wel in orde lijken als iedereen bij elkaar in en uit kan lopen maar daar zitten ook gevaren aan. Hoe haalde een eurocommissaris als ene Bolkestein het überhaupt in zijn hoofd om Franse ambachtslieden concurrentie te laten aandoen door lieden uit landen waarvan de papieren alleen maar achterdocht kunnen wekken?

Aan de Franse oud president Sarkozy kleeft de smet dat hij wordt gezien als ‘vriend van de rijken’. Binnenskamers zou hij ervoor zorgen dat de grootindustrielen de wind uit de zeilen wordt gehouden. Deze grootindustrielen weten met gewiekste constructies de belasting te ontwijken en de pme betaald het tekort, het gelag met een 70 urige werkweek of meer en met een inkomen beneden modaal. Binnenskamers rechtvaardigen die grootindustrielen dat omdat grote bedrijven geld nodig hebben om te overleven, door grote bedragen aan investeringen en research te moeten besteden die niet onmiddellijk geld opleveren en ook verkeerd kunnen uitpakken. Weliswaar is dat aftrekbaar, maar de grootindustrielen hebben nog een ander angstvisioen en dat is de zinloosheid van de belastingafdracht die gebruikt wordt om de geldverslindende verzorgingsstaat in stand te houden waar loisir, retraite, aide aux personnes démunies de sleutelwoorden zijn zonder oog te hebben voor het andere.

De Franse geschiedenis met de Franse revolutie blijft een rol spelen. De afstand tussen peuple en gouvernement, tussen employés et cadre, tussen geletterde en ongeletterde doet zich in alle geledingen voor of het nu is het bedrijfsleven of de Franse socialistische partij zelf. Hoe is aan deze spiraal van wederzijds wantrouwen te ontkomen? Verdwijnen zal het nimmer want daarvoor liggen de standpunten te ver uit elkaar.

Ik heb begrip voor die paar punten van Montembourg. Voor de rest blijft hij een vreemde eend in de bijt, met een merkwaardig mensbeeld voor ogen. De invoering van de dienstplicht biedt voordelen. De veiligheid kan beter worden bewaakt. Het tekort aan mankracht in ziekenhuizen, verzorgingstehuizen kan worden opgevangen. De basisvoorzieningen worden goedkoper omdat dienstplichtigen geen of weinig salaris genieten. Jonge mensen wordt discipline bijgebracht en het geeft ze een zekere ontwikkeling en een kijk op de maatschappij. Niet alleen dat, het houdt ze ook van de straat.





Visie

PolitiekPosted by Roelof Bos Fri, January 01, 2016 17:27:15

ONZE POLITICI

Ik las in de krant over de boze burger, opgestaan in 2015 tegen politici die hen de stroom vluchtelingen door de strot wil drukken. Volgens Gabriel van den Brink, hoogleraar maatschappelijke bestuurskunde, is dat een probleem dat al veel langer speelt. Hij heeft het over de groeiende kloof tussen bestuurders en de samenleving. Volgens Van den Brink zijn bestuurders in Nederland vooral juridisch gericht. Het gaat hen dan om bevoegdheden in plaats van moreel gezag, aldus Van den Brink. Nu is het recht er om orde te scheppen, conflicten op te lossen. Het tegendeel blijkt dus waar. Hoe kan dat? Echte democratie behoort te zetelen in de geest van de volmondige burger. Echte democratie is zeldzaam, bestaat alleen in kleine gemeenschappen als die het geluk hebben niet overheerst te worden. Door omvang van de overheid en arrogantie van de macht wordt afbreuk gedaan aan deze democratie. Beroepspolitici hebben hun eigen erecodes, zij beroepen zich op het staatsrecht. Dat recht is ontstaan om de burger te beschermen tegen de feodale overheerser. Maar het gaat een eigen leven leiden en dient nu om een alibi te hebben tegenover boze burgers. In scherpe bewoordingen hekelen politici aanvallen op moskeeën en nu ook op gemeentehuizen. Wanneer er volkswoede ontstaat, beroepen zij zich op de rechtsstaat. Het probleem alleen is dat van het instituut, het woord rechtsstaat geen moreel gezag uitgaat. Een rechtsstaat is iets dat zichzelf als zodanig voortdurend moet bewijzen. Het is een woord als verzamelbegrip voor het antwoord op een eeuwenlange strijd tegen de onderdrukker. Als er te vaak een beroep op wordt gedaan wordt het een hol woord. Dan keert de onderdrukker in zijn oude gedaante weer terug. Wie herinnert zich niet de houding van Melkert in het televisiedebat met Fortuin? Melkert was een verongelijkte ambtenaar, minister, politicus die zich beriep op het holle woord van zijn ideologie. Zo wordt recht doen verkracht. De eenvoudige burger is geen Atlas die de wereld op zijn schouders kan nemen. Natuurlijk is het lot van vluchtelingen vreselijk. Maar het is te simpel de burger in zijn doorzonwoning het gelag te laten betalen. Wie wil er van de ene dag op de andere woestijnvolk in zijn achtertuin? Vluchtelingen mogen zich verheugen in velen die zich geroepen voelen te helpen. Dat betekent niet dat van iedereen die gezindheid kan worden verlangd. Het hangt van ieders persoonlijke omstandigheid af wat hij kan opbrengen en dan zijn vaak de belangen tussen hem en de vluchteling tegengesteld.

De totstandkoming van het recht mag misschien democratisch genoemd worden, het beroep erop is een uiting van macht. Politici behoren hun macht niet op die manier te gebruiken. De wet is bedoeld voor de burger. Een politicus behoort gezag te laten gelden. Dat is iets anders dan de wet in de hand nemen. Een politicus is er vooral om te bezien of de wet wel deugt. Het juridische denken van politici schept een belangentegenstelling, iets wat een volksvertegenwoordiger moet vermijden. De kloof waar nu over gesproken wordt is begonnen na de tweede wereldoorlog met de opbouw van het sociale stelsel. Een beweging als de Morele Herbewapening, die het misbruik zag, werd weggezet als een fascistische club. Dat je geen geld, geen bezittingen moet geven aan hen die er niet mee kunnen omgaan leert ook het aardgas. In plaats van met het geld duurzame investeringen te doen voor een schonere wereld, de Club van Rome was er toen al, is het opgegaan aan leuke dingen voor de mensen. Met als gevolg een generatie die niet heeft geleerd zichzelf te bedruipen, met instroom van uitheemden die ons nu naar het leven staan, om maar niet te spreken van het verwoeste Groningse land. Een sociaal stelsel is prachtig, maar het brengt niet alleen rechten, ook verplichtingen met zich mee. Als die evenredig over de samenleving verdeeld worden is er evenwicht. Dat is dus niet gebeurd en het gevolg waren de gastarbeiders met een totaal andere cultuur. Ook daar grepen onze politici mis door dat te ontkennen. Wat is behoorlijk bestuur? Waar was de visie? Onze politici wassen hun handen in onschuld, zoals ook bankbestuurders dat doen. Het zijn professionelen, als de gevolgen zichtbaar worden zijn ze verdwenen met wachtgeld of een zak duiten. Maar het is niet de manier om volkswoede te beteugelen. Een paar kalmerende woorden uitgesproken op De Dam na de moord op Theo van Gogh lijkt mooi, maar is natuurlijk de vlag die de lading moet bedekken. In wezen is het pappen en nat houden. Volkswoede moet op een andere manier voorkomen worden. Alleen dat had al veel eerder moeten gebeuren. Het lijkt erop of onze politici de chemie, of sjemie volgens een brokkenmaker uit het zuiden, alleen zien bij kabinetsformaties om een gezellig clubje bij elkaar te kunnen brengen. Maar dan zijn ze stekeblind.













Verspilling

PolitiekPosted by Roelof Bos Sun, October 04, 2015 14:37:48

OPENBAAR KUNSTBEZIT

Wie heeft er baat bij dat er twee Rembrandts voor 160 miljoen euro’s gekocht kunnen worden als de Nederlandse belastingbetaler de beurs ophoudt? Ik denk alleen de familie Rothschild. Birgit Donker, direkteur van het Mondriaan Fonds vraagt zich in nrcdeweek van maandag 28 september 2015 af waarom de politiek zo bezuinigt op kunst en nu ineens 160 miljoen euro’s op tafel wil leggen. Zij ziet het als stap in de goede richting. De politiek zal nu ook wel de bezuinigingen ongedaan willen maken die de kunst treffen.

Dat is natuurlijk niet zo. Bezuinigingen op kunst zijn het gevolg van het sociale stelsel waarin het geld gaat naar mensen die niet voor zichzelf willen zorgen en geen snars om kunst geven. Het geld gaat naar hen en nu misschien ook naar de Rothschilds. Birgit Donker memoreert Robbert Dijkgraaf die zo meeslepend bepleitte de kunstwereld meer te laten lobbyen bij de politiek.

Ook dat zal niet helpen. Kunst is er voor de elite, bestaande in twee gedaanten. De eerste zijn de kunstenaars zelf en de echte liefhebbers. Voor hen is geld alleen maar belangrijk voor de noodzakelijke levensbehoeften. Om te kunnen scheppen en te genieten hoeft geen beslag op een ander gelegd te worden. De andere elite zijn zij die geld in overvloed hebben omdat hun leven daarop is ingericht. Die gebruiken kunst om te pronken, zoals de familie Rothschild.

Maar nu ook voor de handel. Ook dat is leuk. Zijn ze er op uitgekeken? Uit liefdadigheid? Ja, zullen ze misschien zeggen. Het moet ten goede komen aan de gehele wereld. Om het aan een rijke Chinees te verkopen is te banaal. Nu is er de mogelijkheid als mecenas in de annalen vermeld te worden. Geldzucht laat zich soms verenigen met menslievendheid. Een autoverkoper hanteert dezelfde methode. Schep een behoefte bij de klant als hij niet toehapt en houdt hem voor wat hij zal missen.

Deze lieden worden opgewonden door het getal, door de transactie, niet door het schilderij. Zelfs niet door een Mondriaan dat daar soms in rechtlijnigheid verwantschap mee heeft. Het schilderij is het middel, geld het doel. Om dit soort zelfbevrediging mogelijk te maken helpt de Nederlandse belastingbetaler een handje. De familie Rothschild lacht in haar vuistje. Weer een slag geslagen! Zullen zij de Rembrandts missen? Pas nadat het geld op is. Als de overheid dit soort fratsen wil uithalen, bezuinig eerst op het sociale stelsel. Er blijft genoeg te eten over.



Hebzucht en verwachting

PolitiekPosted by Roelof Bos Sun, April 26, 2015 17:10:05

DE KUNST VAN HET AFPAKKEN

Bankiers houden zich aan de regels wanneer zij zichzelf belonen. Dat is hun eenvoudige verweer. Joris Luyendijk vindt dat amoreel in zijn artikel in NRC DEWEEK van maandag 20 april 2015. In een televisieprogramma over hetzelfde onderwerp zei een veelgevraagde headhunter voor dit soort baantjes niets verkeerds te zien in die beloningen. Het was gebruikelijk, je zou een dief van jezelf zijn en daarom bepaalde het gebruik de moraal. Dat was zo ongeveer de filosofie van deze ingewijde. Luyendijk zou dat waarschijnlijk bestempelen als boevenmoraal, niet ten onrechte.

Hier staan twee werelden tegenover elkaar. Is het mogelijk die te verenigen? Ik denk het niet. Zolang er ongelijkwaardige partijen tegenover elkaar staan zal er sprake zijn van uitbuiting, gemeten naar de beloning in verhouding tot de geleverde prestatie. Jesse Klaver van een partij die debet en credit aan zijn laars lapt, zo te zien uitzinnig van woede, ging zich te buiten in een hoorzitting van de Tweede Kamer bij de ondervraging van de president commissaris Van Slingelandt van de ABNAMROBANK. Voor de bühne was het indrukwekkend. Maar voor de redacteur van Brandpunt ontlokte dat de kwalificatie ‘snotneus’ en die kon meteen vertrekken. Was dat terecht? Klaver had toch gelijk?

Bij nader inzien lijkt de opstelling van Klaver toch meer op die van huilen met de wolven. Diens uitzinnige verontwaardiging wekt weerstand als men bedenkt welk gedachtengoed hij vertegenwoordigt. Ook de partij van Jesse Klaver rechtvaardigt het openzetten van de geldkraan omdat het slecht zou gaan. In cijfers lijkt dat ook zo te zijn. Gijsbert Vonk, hoogleraar sociale zekerheidsrecht te Groningen rekent het voor in dezelfde krant. Hij schrijft:

Ook de ‘budgetarmoede is’ toegenomen. Het gaat hier om mensen die alleen nog de meest essentiële kleding kunnen aanschaffen: kleding, energie, voedsel maar geen zaken als uitgaan, vakantie, sport of hobby. 5,4 procent van de bevolking leeft op of onder dit niveau van 960 euro per maand.

Je vraagt je af wat die bootvluchtelingen eigenlijk willen. Een heel intrigerende zin van professor Vonk is ook:

Volgens het SCP en het CBS waren er in 2014 in Nederland nog nooit zoveel armen als nu.

Dat klinkt uiterst alarmerend, maar ook verwarrend. Want nu is 2015. Dus in 2014 moet er minder armoede geweest zijn dan nu, terwijl Vonk het voor 2014 juist zo dramatisch voorstelt. Als ik professor Vonk was zou ik die woordjes ‘als nu’ maar hebben weggelaten. Maar ja, dat zal wel komen door het onderwijs van tegenwoordig. Het meest opvallende vind ik echter de vermelding van Vonk over de vakantie, terwijl de mensen waar hij het over heeft al vakantie hebben.

Dat klinkt cynisch en dat is het ook. Want waar gaat het over? De achterban van Vonk lijkt dezelfde als die van Jesse Klaver. Vonk en Klaver willen helpen door de geldkraan open te draaien, zonder een tegenprestatie te verlangen. Als men daar tegen in brengt dat Nederland dan binnen de kortste keren het lot zal treffen als Griekenland zullen zij ongetwijfeld neen schudden. Want Nederland heeft een belastingsysteem en in Griekenland is dat zo lek als een mandje.

En daar wringt de schoen. Waar de bankiers een prestatie leveren in geen verhouding tot hun beloning, daaraan lijdt ook het belastingsysteem. In de feodale tijd gold het recht van de sterkste. Iedereen moest zichzelf maar zien te redden. De tiende penning van Alva werd als een buitensporige belasting gezien. In de negentiende eeuw ontstond de gedachte van belasting naar draagkracht. Omdat de rijke mens het meeste baat had bij de door de overheid geleverde prestatie, leger, politie en onderwijs. In de twintigste eeuw werd het stelsel omgezwengeld tot een rondpompen van het geld. Herverdeling, subsidies, ondersteuning, een gigantisch overheidsapparaat dat geld vrat aan salarissen en huisvesting.

Mensen behoren zich verantwoordelijk te voelen voor hun eigen bestaan en hun leven daar op in te richten. Velen doen dat ook. Iedere belasting maakt daarop inbreuk. Zonder belasting doet de burger alleen een uitgaaf omdat hij er iets voor terug krijgt, waar hij zelf het genot van heeft. Een belasting knipt dat volledig door. Dan is het niet de burger zelf die beslist over de uitgaaf. Hij kan ook niet beslissen waaraan het besteedt wordt en heeft er meestal ook geen enkel genot van.

Het is duidelijk dat men met een dergelijk systeem voorzichtig moet omspringen. Helaas is dat niet het geval. Van een eenvoudig salaris wordt al minder dan tweederde overgehouden om het vrij te kunnen besteden. Maar dat is nog lang niet alles. Van elk gekocht product gaat twintig procent weg aan omzetbelasting, verder nog allerlei accijnzen op bepaalde goederen, zoals alcoholhoudend drank. De motorrijtuigenbelasting is een melkkoe voor de overheid die in de verste verte niet besteed wordt aan het wegennet, maar verdwijnt in de zogenaamde algemene middelen waar de daklozen het ook van moeten hebben. Om van de vele andere belastingen nog maar te zwijgen. Waar het precies allemaal heen gaat is een raadsel, met cijfers alleen kan dat niet uitgelegd kan worden.

Tegenwoordig moet overal op bezuinigd moet worden, wat vroeger niet hoefde, op de cultuur, de openbare omroep, de orkesten, de musea, omdat er geen middelen zijn. Aan de andere kant is de belastingdruk verschrikkelijk hoog. Dan kan de conclusie alleen maar zijn dat er een gigantische verspilling is of een te hoge verwachting van wat er allemaal mogelijk is. Waarschijnlijk is het van beide wat.

Jesse Klaver en professor Vonk moeten niet denken dat met ferme praat op te lossen. Bankiers en multinationals lachen hen stilletjes uit. Neen, de rekening presenteren zij aan de eenvoudige hardwerkende man die niet wil profiteren, niet in het bezit van een arbeidscontract, geen bijstand, alleen de wil om te overleven. Zij hebben geen stem in het politieke debat. Het recht van de sterkste geldt nog steeds en uitbuiting ook.











Journalistiek

PolitiekPosted by Roelof Bos Sat, March 07, 2015 16:02:53

HET ZINDELIJKE DENKEN

Een beetje kwaliteitskrant wil ook graag de andere kant van de medaille laten zien. Zoals in een geschil wederpartijen recht hebben op hoor en wederhoor vervult ook de journalistiek die zedelijke plicht. Of dat de beweegreden is voor de plaatsing van twee artikelen in NRC DEWEEK van maandag 2 maart 2015 weet ik niet, maar het is goed denkbaar. Wat het alleen niet begrijpelijk maakt is het povere, onzindelijk gehalte van beide stukken. En dat terwijl de redactie van die krant aan de lopende band zonder opgaaf van redenen stukken afwijst die niet voor plaatsing in aanmerking komen. De indruk is dan dat bij de selectie niet de kwaliteit maar de controversialiteit maatgevend is.

In kwestie gaat het om de stukken van Frits Hoekstra getiteld ‘Stel verheerlijken van jihad niet strafbaar’ en van Maarten Zeegers ‘Buitenlandse ‘haatimans’? Nederlanders preken ook zo’. De teneur in beide stukken is de rechtvaardiging om de jihad te mogen verdedigen omdat wij geen zedenmeester mogen zijn, immers in ons eigen land is ook verschrikkelijk veel mis.

Ik begin met Frits Hoekstra te citeren: ‘Waar kwetsen van gelovigen doorgaat voor vrijheid van meningsuiting, worden aanmoedigingen tot jihad vervolgbaar. Moet ik me dan ook maar stilhouden? Mag ik nog zeggen dat ik moslims begrijp die het westen haten? .....Natuurlijk veroordeel ik terrorisme, maar de haat die eraan ten grondslag ligt kan ik tot op zekere hoogte begrijpen. Afghanistan, drones, hatelijke cartoons...Terwijl de les uit Vietnam en Afghanistan toch moet zijn dat je ideeën, ideologieën en overtuigingen niet weg kunt bombarderen.’

De stijl van Hoekstra doet mij denken aan de krant destijds van Hitler, de Völkischer Beobachter. Ook aan de verdediging van Seiss Inquart voor het Duitse misdaad- en oorlogsgeweld in Nederland. De teneur is ‘wij mogen dan misschien wel eens wat verkeerd doen, maar met jullie is ook veel mis.’ Nimmer wordt het optreden zelf beoordeeld. Net zoals de voedingsbodem voor het nationaalsocialisme een soort collectief gevoelde frustratie moet zijn geweest kan ook Hoekstra geen andere indruk wekken.

Ik hoop dat het geen betoog behoeft dat een westerse misdaad geen argument, rechtvaardiging kan zijn voor het kiezen van onschuldige slachtoffers. Net zoals onder het nationaalsocialisme waren diegenen die voor dat soort daden het gemakkelijkst te recruteren waren jongeren en ook ouderen zonder eigen overtuiging.

Kortom het zedelijk besef van Hoekstra is van een bedenkelijk gehalte. Ik ken zijn persoonlijke achtergrond niet, maar vooralsnog blijft de indruk dat hij gedreven wordt door persoonlijke frustratie. Dit vooral ook omdat hij keer op keer het zich gekwetst voelen als rechtvaardiging neemt voor agressie en het aanzetten tot monstrueuze daden. Nimmer komt Hoekstra op de gedachte dat die gekwetste haatpredikers hun energie ook ergens anders in kunnen steken, in iets waar de mensheid beter van wordt.

Het artikel van Maarten Zeegers ‘Buitenlandse ‘haatimans’? Nederlanders preken ook zo’ is van hetzelfde laken een pak. Zeegers vraagt zich in onderkoelde woede af waarom zogenaamd verkeerde imans de inreisvisum wordt geweigerd terwijl in Nederland zelf al zoveel mis is. Opnieuw geen onderzoek naar de schadelijkheid van het gedachtengoed zelf. In plaats daarvan is de teneur, het mag dan misschien schadelijk gevonden worden maar hier is ook al zoveel aan de hand en waarom mogen zij dan ook niet hier een beetje meedoen met rotzooi trappen.

Keer op keer als men dit soort artikelen leest krijgen we deze onzindelijkheid over ons heen. Ik dacht dat we van de tweede wereldoorlog wat geleerd hadden, maar de krant die zich hiervoor leent is dat blijkbaar al weer vergeten.

















Charlie Hebdo

PolitiekPosted by Roelof Bos Thu, January 22, 2015 22:22:57

HOGERE WISKUNDE

Wat mij het meest heeft getroffen in de berichtgeving na de aanslag op Charlie Hebdo was de opmerking van de Franse president François Hollande dat de moslimgemeenschap het allereerste slachtoffer was. Om dat voor mij als eenvoudige burgerman te begrijpen was gewoon teveel. Ik hapte naar adem. Had ik iets over het hoofd gezien? Had ik sommige zaken verward? Want ik bleef zitten met veel vragen die voor François Hollande misschien glashelder zijn maar voor mij niet. Ik blijf erbij dat het doelwit van de aanslagen geen moslims waren en toch zijn die juist het slachtoffer volgens de geciteerde spreker. Na te zijn bekomen van de schok kon ik weer nadenken. En nadenken betekent dat je moet kunnen begrijpen wat er in het hoofd van een ander omgaat. En ik zag het nu glashelder. Natuurlijk was de moslimgemeenschap het slachtoffer. Stel je maar eens voor wat ze te vrezen hebben van haatdragende antimoslim hooligans. Hoe had ik er toch zo naast kunnen zitten. En ik had ook opeens in de gaten hoe François Hollande dit varkentje zou gaan wassen. Het was de stille diplomatie. Op het Élysées zou wekelijk een informele bijeenkomst van verantwoordelijke eindredacteuren worden gehouden om te bespreken wat wel en wat niet kon. Dat was nog eens echte persvrijheid. Ik ga nu eindelijk ook eens het boek Soumission van Michel Houellebecq kopen want ik geef jullie op een briefje dat het daar al in staat.

Alsof het nog niet genoeg was zag ik op de teevee in het programma Jinek de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb die alles in de war gooide. Die was zelf moslim, geloofde in de moslimtraditie. Hij zei dat het medicijn tegen de verstoorde samenleving lag bij de moslimgemeenschap. Die moesten het oplossen en niet François Hollande of Lodewijk Asscher met hun stille diplomatie. Aboutaleb zei dat de moslimgemeenschap bij zichzelf te rade moest gaan. Hij verwierp de ja maar cultuur die begrip wil tonen en verontschuldigingen zoekt voor wandaden. De moslimgemeenschap zou moeten leren zich te verplaatsen in het gedachtengoed van de westerling die zich bedreigd voelt. En volgens Aboutaleb worden ze bedreigd. In het oosten worden kleine overblijvende christengemeenschappen vervolgd, uitgemoord. De moslims daar steken in kleine bootjes de zee over om in het westen liefdevol ontvangen te worden, om daar in vrijheid hun religie te kunnen beleven. En als dank gaan ze weer terug naar het oosten om? Ja u begrijpt, zoals Max Havelaar in het sprookje Saïdjah en Adinda moest verzuchten dat zijn verhaal eentonig wordt zo ervaar ik het hier ook. En vanuit het oosten keren ze weer terug om? François Hollande en Lodewijk Asscher vragen om begrip voor die strijd. Ze voelen zich bedreigd door aanvallers die schieten met papier en vergissen zich door terug te schieten met karabijnen. Vergissen is menselijk. Daar herken je ze aan. François Hollande en Lodewijk Asscher willen die prikkel wegnemen. Zij hebben het beste met hen voor.

Ik probeerde mij te verplaatsen in het gedachtengoed van Ahmed Aboutaleb, hoe die dat zou vinden. Ik zag hem al verzuchten: ‘Ze spelen alleen maar Marine Le Pen en Geert Wilders in de kaart. Wat een machteloze Fransen! Nicholas Sarkozy die iedereen wil opsluiten en François Hollande die ze weer vrijlaat. Maar ja, het zijn ook geen moslims en kunnen dus de oorzaak niet wegnemen. Ik heb met ze te doen. Met Lodewijk Asscher heb ik nog een hele kluif.’

Eén ding nog bleef bij mij hangen. Aboutaleb had het gehad over moslimtraditie.